Leermeesterlijk Leermeesterlijk.
Volwassen BBL-student in de zorg die na een dienst probeert te leren
Studieplanning 11 september 2026 - 9 min leestijd

Executieve functies bij volwassenen: waarom leren naast de zorg zo zwaar is

Leermeesterlijk Redactie
BBL-begeleiding in de zorg - Twente

Kort antwoord

Executieve functies zijn de regelfuncties van je hersenen: beginnen, onthouden, plannen en volhouden. Ze kosten energie, en na een dienst is die op. Daarom lukt leren op een vrije ochtend wel en om half vijf na een vroege dienst niet. Dat is geen luiheid en geen domheid. De oplossing is niet harder proberen, maar dingen buiten je hoofd zetten: een vaste startstap, een lijst die je ziet en tijd die je meet in plaats van schat.

Op je werk regel je een hele afdeling. Je onthoudt wie welke medicatie krijgt, je ziet aan iemands gezicht dat er iets niet klopt en je houdt het hoofd koel als er drie dingen tegelijk gebeuren. En dan kom je thuis, ligt je lesmap op tafel, en lukt het niet om er zelfs maar aan te beginnen.

Veel BBL-studenten in de zorg trekken daaruit de conclusie dat ze niet slim genoeg zijn voor school, of te lui. Allebei klopt niet. Wat er aan de hand is, heeft een naam: executieve functies. En als je begrijpt hoe die werken, wordt ook duidelijk waarom je op de afdeling alles kunt en aan de keukentafel niets.


Wat executieve functies zijn

Executieve functies zijn de regelfuncties van je hersenen. Ze bepalen of je aan iets begint, onthoudt wat je aan het doen was, je aandacht erbij houdt, plant wat er eerst moet en doorgaat als het saai of moeilijk wordt. Er zijn er elf, maar de meeste mensen hoeven er maar vier te kennen om hun eigen patroon te herkennen.

Ze zitten voorin je hersenen, en ze kosten energie. Dat is het belangrijkste wat je erover moet weten. Na acht uur op een afdeling waar je die functies de hele dag hebt gebruikt, is de voorraad op. Je werkgeheugen is dan kleiner, je begint moeilijker en je houdt korter vol. Niet omdat er iets mis is met je, maar omdat je ze al hebt opgemaakt.

Op de afdeling gebruik je je executieve functies acht uur lang. Thuis is er niets meer over voor de lesmap. Dat is geen karakterfout, dat is een lege tank.

Waarom het bij volwassenen naast werk extra knelt

Bij kinderen groeien executieve functies nog. Bij volwassenen zijn ze uitgegroeid, maar dat betekent niet dat ze altijd beschikbaar zijn. Drie dingen maken het voor een BBL-student in de zorg zwaarder dan voor een student van achttien die alleen naar school gaat.

  • Je dag is al vol geweest. Een voltijdstudent begint 's ochtends met een volle tank. Jij begint met leren op het moment dat een ander stopt met werken.
  • Je rooster wisselt. Executieve functies houden van ritme. Een vaste studieavond bouwt een gewoonte op, en een gewoonte kost bijna geen energie. Met vroege, late en nachtdiensten door elkaar komt die gewoonte er nooit.
  • Er is meer dat aandacht vraagt. Gezin, mantelzorg, een huishouden, soms geldzorgen. Alles wat je moet onthouden en regelen, gebruikt dezelfde functies als je opleiding.

Daar komt bij dat veel zij-instromers al jaren niet meer hebben geleerd op de manier die school vraagt. Je hebt in die jaren veel bijgeleerd, maar niet uit een boek met een toets aan het eind. Die manier van leren vraagt precies de functies die na een dienst het eerst wegvallen.

De vier functies die bij BBL-studenten het meest opspelen

1. Beginnen (taakinitiatie)

Je weet wat je moet doen, je wilt het ook, en toch zit je een uur op de bank met je telefoon voordat je de map opent. Dit is de functie die na een dienst het eerst uitvalt. Je herkent het aan het gevoel dat de drempel om te beginnen hoger is dan de taak zelf.

2. Onthouden terwijl je bezig bent (werkgeheugen)

Je leest een paragraaf en weet aan het eind niet meer hoe hij begon. Bij medisch rekenen raak je halverwege een som kwijt wat je aan het uitrekenen was. Dit is het werkgeheugen, en het is bij vermoeidheid het meest gevoelig. Het is ook de functie die mensen het vaakst aanzien voor "ik ben gewoon niet slim".

3. Plannen en tijd inschatten

Je denkt dat een verslag twee uur kost en het worden er zes. Je denkt dat je nog drie weken hebt tot de toets en het zijn er twee. Wie tijd te laag inschat, plant altijd te vol, en wie te vol plant, loopt altijd achter. Dat voelt na een tijdje als falen, terwijl de fout in de schatting zit en niet in de inzet.

4. Volhouden als het niet leuk is

Beginnen lukt, en na tien minuten sta je in de keuken. Volgehouden aandacht is kort na een dienst, en het wordt nog korter als de stof saai is of als je bang bent dat het toch niet lukt. Dat laatste speelt bij rekenen vaak mee, en dat is een aparte kwestie waarover je meer leest in rekenfaalangst oplossen.

Een korte zelfcheck

Hieronder staan acht zinnen. Tel hoeveel je er herkent, en let vooral op welke functie het vaakst voorkomt.

  • Ik zit vaak lang met mijn telefoon voordat ik aan school begin. (beginnen)
  • Als iemand me stoort tijdens het leren, ben ik kwijt waar ik was. (werkgeheugen)
  • Opdrachten kosten me altijd meer tijd dan ik dacht. (tijd inschatten)
  • Ik begin wel, maar na een kwartier doe ik iets anders. (volhouden)
  • Ik weet vaak pas een paar dagen van tevoren dat er een toets is. (plannen)
  • Bij rekenen weet ik halverwege de som niet meer wat ik aan het doen was. (werkgeheugen)
  • Ik stel opdrachten uit tot het echt niet meer kan, en dan lukt het opeens wel. (beginnen)
  • Ik heb regelmatig geen idee waar mijn schoolspullen zijn. (organisatie)

Herken je er twee of drie, dan ben je een gewone volwassene met een drukke baan. Herken je er vijf of meer, en zit het vooral bij één functie, dan weet je nu waar je moet beginnen.

Wat je eraan doet

De belangrijkste regel: probeer niet harder, probeer anders. Meer discipline helpt niet bij een functie die na een dienst leeg is. Wat wel helpt, is de functie buiten je hoofd zetten, zodat je hersenen het werk niet hoeven te doen.

Als beginnen het probleem is: een vaste startstap

Spreek met jezelf af wat de allereerste handeling is, en maak die belachelijk klein. Niet "leren voor anatomie", maar "map openen op bladzijde 40". Zet die stap op een briefje op de map. De drempel zit in de eerste twee minuten; daarna loopt het meestal vanzelf.

Als onthouden het probleem is: alles op papier

Werk met een blaadje naast je boek waarop je opschrijft wat je aan het doen bent en wat de vorige stap was. Bij rekenen: elke tussenstap opschrijven, ook als je denkt dat je hem wel kunt onthouden. Na een dienst kun je dat niet, en dat hoeft ook niet. In de tips voor medisch rekenen staat hoe je dat aanpakt.

Als tijd inschatten het probleem is: meten in plaats van schatten

Schrijf voor een opdracht op hoelang je denkt dat hij duurt. Zet een timer en schrijf achteraf op hoelang het echt was. Na drie of vier keer zie je je eigen patroon, en dan ga je vanzelf ruimer plannen. Combineer dit met plannen op energie in plaats van op tijd, zoals uitgelegd in studeren naast wisselende diensten.

Als volhouden het probleem is: korte blokken met een einde

Twintig minuten met een timer, daarna stoppen. Niet doorgaan omdat het net lekker loopt, want dan is het de volgende keer weer een taak zonder einde. Een blok dat altijd ophoudt, is makkelijker om aan te beginnen.

Praktisch voorbeeld: Miriam, 41, zij-instromer Verzorgende IG, zat elke avond een uur op de bank voordat ze begon. Ze heeft een briefje op haar map geplakt met "open op de bladzijde met het gele plakkertje" en een timer van twintig minuten. Het uur op de bank is een kwartier geworden. Niet omdat ze meer wilskracht heeft, maar omdat de eerste stap niet meer bedacht hoeft te worden.

Je hebt geen diagnose nodig om dit aan te pakken

Veel volwassenen die dit herkennen, vragen zich af of ze ADHD hebben. Dat kan, en bij ADHD zijn executieve functies bijna altijd zwakker. Maar vermoeidheid, nachtdiensten, mantelzorg en faalangst geven precies dezelfde klachten. Herken je het al je hele leven, in alle situaties, en heb je er veel last van, dan is een gesprek met de huisarts verstandig.

Voor je opleiding maakt het niet uit. De aanpak hierboven werkt bij een diagnose en zonder. Je hoeft dus niet te wachten op een onderzoek om vanavond een briefje op je map te plakken.

Wanneer heb je begeleiding nodig?

Als je een van de dingen hierboven twee weken hebt geprobeerd en het scheelt niets. Als de spanning rond toetsen zo groot wordt dat je ze gaat vermijden. Of als je merkt dat je niet meer weet waar je moet beginnen, omdat de achterstand te groot voelt om nog te overzien.

Bij Leermeesterlijk kijken we dan eerst waar het zit. Niet alleen naar rekenen of Nederlands, maar naar hoe je leert, wanneer het wel lukt en wat er op dat moment anders is. Vaak is dat verschil klein, en zodra het benoemd is, is het ook te gebruiken.

Kort samengevat

  • Executieve functies zijn beginnen, onthouden, plannen en volhouden. Ze kosten energie, en die is na een dienst op.
  • Dat je op de afdeling alles kunt en thuis niets, zegt niets over je intelligentie of inzet.
  • Bij BBL-studenten spelen vier functies het meest op: beginnen, werkgeheugen, tijd inschatten en volhouden.
  • Probeer niet harder, probeer anders: zet de functie buiten je hoofd met een startstap, een blaadje, een timer en een blok met een einde.
  • Je hebt geen diagnose nodig om hiermee te beginnen.

Je hebt in de zorg allang bewezen dat je kunt onthouden, plannen en volhouden. De opleiding vraagt hetzelfde, alleen op het moment van de dag dat je er het minst van over hebt. Richt het zo in dat je hersenen dat werk niet alleen hoeven te doen.

Weet eerst waar je staat

Doe een gratis nulmeting rekenen of Nederlands. Dan weet je of het aan de stof ligt, of aan het moment waarop je ermee bezig bent.

Doe een gratis nulmeting Bespreek begeleiding

Heb je eerst een vraag? Mail ons via info@leermeesterlijk.nl.