Alle formules voor medisch rekenen op één rij, met voorbeeldsommen
Kort antwoord
Je hebt zes formules nodig: eenheden omrekenen, ml per uur, druppels per minuut, dosering per kilogram, de toe te dienen hoeveelheid, en procenten of verhoudingen omrekenen naar mg per ml. Hieronder staat elke formule met een uitgewerkte som en de fout die er het vaakst mee gemaakt wordt.
De meeste mensen die zakken voor medisch rekenen, kennen de formules gewoon. Ze struikelen een stap eerder, bij het omrekenen van milligram naar microgram, of bij de vraag hoeveel minuten er in anderhalf uur zitten.
Daarom staat het omrekenen hieronder als eerste, en niet als bijzin. Wie die stap onder de knie heeft, houdt van medisch rekenen zes formules over die allemaal in één regel passen.
1. Eenheden omrekenen
Alles in de zorg gaat in stappen van duizend. Eén gram is duizend milligram, één milligram is duizend microgram, en één liter is duizend milliliter.
- Van groot naar klein: vermenigvuldigen met 1000. 0,25 g = 250 mg.
- Van klein naar groot: delen door 1000. 750 microgram = 0,75 mg.
- Tijd: uren maal 60. Anderhalf uur = 90 minuten, geen 130.
2. Milliliter per uur
Formule: ml per uur = totaal aantal ml gedeeld door het aantal uren.
Voorbeeld: een infuus van 1000 ml moet in 8 uur lopen. 1000 gedeeld door 8 is 125 ml per uur.
Loopt het infuus niet in hele uren, reken dan eerst de tijd om. Een zak van 500 ml in 2 uur en 30 minuten is 500 gedeeld door 2,5 en dat is 200 ml per uur.
3. Druppels per minuut
Formule: druppels per minuut = (aantal ml maal de druppelfactor) gedeeld door het aantal minuten.
De druppelfactor staat op de verpakking van het infuussysteem. Bij een standaard systeem is dat meestal 20 druppels per ml, bij een microdruppelsysteem 60. Neem hem nooit aan uit je hoofd.
Voorbeeld: 500 ml moet in 4 uur lopen, met een systeem van 20 druppels per ml. 500 maal 20 is 10.000 druppels. Vier uur is 240 minuten. 10.000 gedeeld door 240 is ongeveer 42 druppels per minuut.
4. Dosering per kilogram lichaamsgewicht
Formule: totale dosis = voorgeschreven dosis per kilogram maal het gewicht in kilogram.
Voorbeeld: voorgeschreven is 5 mg per kg per dag, de patiënt weegt 68 kg. 5 maal 68 is 340 mg per dag. Moet dat in vier giften, dan is dat 85 mg per gift.
Let op de woorden 'per dag' en 'per gift'. Dat verschil is in de praktijk het grootste risico in deze som, en in de toets het vaakst het verschil tussen goed en fout.
5. De toe te dienen hoeveelheid
Formule: te geven ml = (gewenste hoeveelheid gedeeld door de aanwezige hoeveelheid) maal de hoeveelheid waarin die aanwezig is.
Voorbeeld: je moet 250 mg geven. In de ampul zit 500 mg per 10 ml. 250 gedeeld door 500 is 0,5. Maal 10 ml is 5 ml.
Zorg dat de eenheden boven en onder de deelstreep hetzelfde zijn. Staat er op de ampul gram en in de opdracht milligram, reken dan eerst om, voordat je iets deelt.
6. Procenten en verhoudingen
Een percentage in een oplossing betekent altijd gram per 100 ml. Een oplossing van 0,9 procent bevat dus 0,9 gram per 100 ml, oftewel 900 mg per 100 ml, oftewel 9 mg per ml.
Een verhouding werkt hetzelfde: 1:1000 is 1 gram op 1000 ml, dus 1 mg per ml. En 1:10.000 is 0,1 mg per ml.
Voorbeeld: je hebt een oplossing van 1:1000 en moet 0,5 mg toedienen. De oplossing bevat 1 mg per ml, dus je hebt 0,5 ml nodig.
De vier fouten die het vaakst gemaakt worden
- Eenheden niet gelijkgetrokken. Gram en milligram door elkaar in dezelfde som. Verantwoordelijk voor het merendeel van de fouten.
- Tijd in uren in plaats van minuten. Vooral bij druppels per minuut.
- Per dag en per gift verwisseld. De som klopt, het antwoord op de vraag niet.
- Niet gecontroleerd of het antwoord logisch is. 4200 druppels per minuut kan niet, en dat hoef je niet te weten uit je boek.
Hoe je hiermee oefent
Maak van elke formule hierboven één som per dag, tien dagen achter elkaar. Dat is vijf minuten werk per dag en het levert meer op dan een avond van drie uur, omdat je elke dag opnieuw moet terughalen hoe het ook alweer zat.
Schrijf bij elke som eerst op wat je verwacht dat er ongeveer uitkomt, en pas daarna reken je. Die gewoonte kost tien seconden en vangt precies de fouten die op een toets het duurst zijn. Meer daarover staat in de tips voor medisch rekenen.
Merk je dat het niet aan de formules ligt maar aan het rekenen eronder, dan is dat geen ramp en wel belangrijk om te weten. Een nulmeting rekenen laat in twintig minuten zien waar het precies misgaat.
Veelgestelde vragen
Welke formules moet ik kennen voor medisch rekenen?
Zes stuks: omrekenen van eenheden, ml per uur, druppels per minuut, dosering per kilogram lichaamsgewicht, de toe te dienen hoeveelheid bij een gegeven sterkte, en het omrekenen van procenten en verhoudingen naar mg per ml. Alle andere sommen zijn combinaties daarvan.
Hoe reken ik druppels per minuut uit?
Vermenigvuldig het aantal ml met de druppelfactor van het systeem en deel door het aantal minuten. Bij een standaard infuussysteem is die factor meestal 20 druppels per ml, bij een microdruppelsysteem 60. Kijk de factor altijd op de verpakking na, want die verschilt per fabrikant.
Wat betekent een verhouding als 1:1000?
Eén gram werkzame stof op 1000 ml oplossing, oftewel 1000 mg op 1000 ml, oftewel 1 mg per ml. Een verhouding van 1:10.000 is dus 0,1 mg per ml. Reken een verhouding altijd eerst om naar mg per ml voordat je verder rekent.
Mag ik bij de rekentoets een rekenmachine gebruiken?
Dat verschilt per opleiding en per toetsdeel. Ga er bij het oefenen niet van uit: wie de sommen alleen met een rekenmachine maakt, mist de controle of het antwoord logisch kan kloppen, en juist die controle vangt de meeste fouten.
Hoe weet ik of mijn antwoord klopt?
Schat vooraf de orde van grootte. Een patiënt krijgt geen 4000 ml in een uur en geen 0,04 ml. Wijkt je uitkomst een factor 10 of 1000 af van wat je verwachtte, dan zit de fout bijna altijd in het omrekenen van de eenheden.
Kort samengevat
- Bijna elke fout in medisch rekenen zit in het omrekenen van eenheden, niet in de formule.
- Zet gram, milligram en microgram eerst gelijk, en reken daarna pas.
- Druppels per minuut: ml maal druppelfactor, gedeeld door de tijd in minuten.
- Een verhouding als 1:1000 reken je altijd eerst om naar mg per ml.
- Schat vooraf wat er ongeveer uit moet komen. Dat vangt de fouten van een factor 10.
Weet eerst waar je staat
Doe een gratis nulmeting rekenen. Dan weet je of het aan de formules ligt, of aan het omrekenen van eenheden eronder.
Heb je eerst een vraag? Mail ons via info@leermeesterlijk.nl.